De plaats waar de moslims hun gezamenlijke gebeden verrichten is de moskee. Het Arabisch woord voor de moskee is ‘Masjid’ en betekent ‘een plaats van knieling’.

Vele moskeeën in de islamitische landen hebben een traditioneel koepelvormig dak, hoge minaretten van waaruit de ‘muezzin’ (oproeper tot het gebed) de mensen oproept tot het gebed te vergelijken met een bel van de kerk.

In elke moskee vindt men een ‘mihrab’ die de richting aangeeft waartoe de moslims zich moeten richten tijdens het gebed.  Dit staat bekend als de ‘qibla’ en wijst naar Mekka. In de moskee bevind zich ook een ‘minbar’ (preekstoel) waar de imam (gebedsleider) zijn preken en toespraken houdt.

Er zijn geen foto’s of afbeeldingen in de moskeeën, maar ze zijn wel meestal versiert met Arabische kalligrafie   Vaak zijn het woorden of zinnen uit de Koran of een kalligrafische expressie van de namen van God (99 namen) of de naam van de profeet Mohammed, vrede aan Allah’s zegeningen zij met hem.

Wanneer men de moskee wil betreden, word er gevraagd om de schoenen uit te doen. De bedoeling is gewoon om de gebedsruimte zo schoon mogelijk te houden zodat de moslims hun voorhoofden op de vloer kunnen leggen om zich zo nederig mogelijk te stellen tegenover God